Follow Me

Close

dahlia1.jpg

In mijn bericht Bloemrijke groenten schreef ik over groenteplanten waarvan de bloemen je (moes)tuin kunnen opfleuren.
Hieronder geef ik wat voorbeelden van mooie planten die je tussen je groenten kan plaatsen. Tussen eenjarige groenteplanten doen vooral andere eenjarigen het goed.

De dahlia: in de vorige eeuw al een topper in de moestuin en nu, gelukkig, terug van weggeweest. Dahlia’s fleuren je tuin op in alle kleuren van de regenboog. Mijn absolute favoriet is de donkerrode variëteit ‘Chat Noir‘.
Als je regelmatig uitgebloeide bloemen wegknipt, blijft de plant nieuwe bloemen maken. Zo kan je er de hele zomer van genieten. Elk najaar, voor de vorst intreedt, graaf ik de dahliaknollen op. Ze brengen de winter door in de kelder, begraven in een kist met zand. Vanaf midden mei plant ik ze terug in de vollegrond. Je kan de knollen ook laten steken, maar ze zijn nogal vorstgevoelig. Vorstvrij overwinteren kan ik daarom aanbevelen.
Geef dahlia’s een plekje aan de rand van een groentebed of border, waar ze ongestoord kunnen groeien en bloeien.

tagetes

Dit jaar zaaide ik voor het eerst citrusafrikaantjes. Iedereen kent wel de gewone afrikaantjes, ook wel ‘stinkertjes’ genoemd. De citrusafrikaantjes verspreiden, in tegenstelling tot hun niet zo fris riekende soortgenoten, een pittig citrusgeurtje. Zowel de bloem als het blad van deze plant zijn eetbaar. Over smaak valt te twisten; ik vind ze niet lekker.
Het binnen voorzaaien was geen groot succes want de opkomst was nogal pover. Ik had echter niet kunnen vermoeden dat de 30 sprietjes die ik midden mei in de vollegrond plantte, op enkele weken tijd zo’n grote bos bloemen zouden opleveren. Ik plantte ze aan de voet van de komkommer, zodat de bodem er rond koeler bleef en meer vocht kon vasthouden.
Zaad van deze planten vind je bij Kwekerij de nieuwe tuin onder de namen Tagetes minuta ‘Orange gem’ (oranje bloem, zie foto) en Tagetes minuta Lemon gem’ (gele bloem).

De (wilde) klaprozen in onze tuin tieren welig. Het zaad van hun voorouders is waarschijnlijk aan komen waaien uit bloemrijke weideranden in de buurt. We kunnen ze niet meer wegdenken uit onze achtertuin. Hun tere bloemen wiegen de hele zomer en herfst mee op het ritme van de wind. Ze zijn niet alleen leuk om naar de kijken, maar wist je dat je van de bloemblaadjes ook lekkere klaprozengelei en -siroop kan maken?
Geef de bloemen dus zeker een kans in je tuin.

papaver.jpg

En last but not least: de zonnebloem. In mijn bericht Girasole heb ik mijn verwondering voor deze bloemen al neergeschreven. Ze mogen van mij zeker niet ontbreken in de moestuin. Zonnebloemen zorgen er voor kleur en hoogte. Ze trekken veel nuttige insecten aan en in het najaar bezorgen ze jou en de vogels in je tuin lekkere pitten.
En zonnebloempitten die in de aarde vallen, geven je volgend jaar misschien weer nieuwe zonnebloemen, zonder dat je er iets voor hebt moeten doen…

zonnebloem1

 

 

 

 

  • 15 October 2016

erwtjes

Als je in Haspengouw woont, of in een andere streek met veel fruitboomgaarden, dan ben je vertrouwd met de vele toeristen die in het voorjaar de bloesempracht komen bewonderen.
Als je houdt van courgettes, dan ken je zeker wel de grote, gele bloemen van de courgetteplant. En misschien hou je, net als ik, wel van die aparte, fluwelige smaak van courgettebloemen…
Als je je eigen groenten kweekt, in je tuin of op je terras, dan herken je de (soms onopvallende) bloemetjes van tomaat, komkommer en paprika, en van peulvruchten zoals erwten (op de foto hierboven) en bonen.
Hier geldt telkens: zonder bloemen, geen vruchten.

Heb je al eens een krop sla laten doorschieten, of een lente-uitje over het hoofd gezien?  Eerder schreef ik al dat mijn man en ik een vrij wilde tuin beheren. Dus ja, ik ‘vergeet’ al eens iets op te ruimen, en ik experimenteer ook graag. Sinds ik ontdekt heb dat ik groenten een ‘tweede leven’ kan geven, oogst ik niet meer alles. Het resultaat is voor ons niet altijd mooi of lekker, maar we trekken er wel veel vliegende en kruipende insecten mee aan, die misschien ook weer een aanwinst zijn voor onze tuin.

Lente-uitjes die je in de grond laat steken, groeien uit tot stevige planten met grote, puntige bladeren. Na een tijd verschijnt er een stevige stengel met daarop een bloemknop. Van de bolvormige, witte bloem die daaruit voortkomt, kan je nog wekenlang genieten.

Vorig jaar liet ik een aantal radijzen staan. Die bleven maar groeien en aandikken. Iets later verschenen er ook stengels met witte bloempjes, die al vlug druk bezocht werden door koolwitjes. En nog later verschenen de zaaddozen.
Het spreekt voor zich dat ik ook dit jaar enkele radijzen ongemoeid liet. Zowel de bloemen als de zaaddozen van de radijs zijn (rauw) eetbaar. Ze smaken een beetje pittig.

radijzenzaaddoos

Een experimentje dit jaar: op een beurs ontdekte ik zaad van ‘Chopsuey greens – Shungku’, een bladgroente geschikt voor wok en salades. Twee planten hebben het slechte weer in het voorjaar overleefd en trakteren ons nu op vrolijke, zonnige bloemen. De bloemen zien er niet zo eetbaar uit, maar ze zijn het wel. De oosterse naam van de plant klinkt chic, in België en Nederland noemen ze hem ‘gewoon’ Gekroonde ganzenbloem.

chrysant

Radicchio (cichorium intybus) ontbreekt nooit in onze tuin. Een rijtje planten waar we vorig jaar meermaals van geoogst hebben, heeft de winter goed doorstaan en heeft in het voorjaar lange, stevige stengels gevormd, waarop al maandenlang ‘s ochtends felblauwe bloemen verschijnen. ‘s Namiddags zien de planten er mistroostig uit. Van de bloemen blijft er dan niet veel meer over. Even geduld oefenen, en de volgende ochtend zijn de struiken weer een lust voor het oog. Ook deze bloemen zijn eetbaar.

Nog een tip: wil je wel bloemen, maar heb je liever dat planten zich niet uitzaaien? Knip uitgebloeide bloemen dan tijdig weg of laat het zaad niet rijpen.

Dit zijn maar een aantal voorbeelden. Heb je zelf ook voorbeelden of tips? Dan mag je ze hier delen met mij en de lezers van mijn blog. 

collage-sla

  • 30 September 2016

Sinds we een moestuin hebben, koop ik jaarlijks zaaigoed bij ‘de nieuwe tuin’, op plantenbeurzen of in de webshop. Ik vind het heerlijk om door de online catalogus te bladeren op de nieuwe tuin. Het aanbod aan groenten en eetbare bloemen is groot én apart. ‘t Is altijd weer moeilijk om een doordachte keuze te maken, en me niet te laten verleiden door zaaigoed van planten waarvoor ik geen ruimte heb.

Bij ‘de nieuwe tuin’ ontdekte ik edamame oftewel verse sojabonen. Een sojascheutje, dat kende ik wel, maar een sojaboon, daar kon ik mij niets bij voorstellen, dus werd er plaats vrijgehouden in de moestuin voor de eerste teelt. Eind mei mochten de zaadjes (boontjes) de grond in. En dan was het wachten op de eerste blaadjes.

soja1

Edamame-planten vragen geen speciale zorgen. Als je zaait in goed waterdoorlatende grond, en het zaaibed van wat compost voorziet en het verder onkruidvrij houdt, dan kweek je al tevreden planten. Kies je een soort die laag blijft,  zoals ‘Envy’, dan moet je ook geen steun voorzien. Ziektes heb ik in de 4 jaar dat ik edamame kweek nooit waargenomen, vraatzuchtige beestjes ook niet.
Dit jaar was de lange droge periode van augustus/september wel een beetje een spelbreker. De bonen werden minder dik en de peulen kregen vroeger dan in andere jaren hun herfstkleuren, een teken dat ze plukrijp waren. Een paar keer flink bevloeien tijdens de droogte, had dit natuurlijk proces wellicht kunnen vertragen.

Het grappige aan deze planten is dat ze tijdens de herfst in stukjes uit elkaar vallen. Eerst worden de blaadjes afgestoten en dan volgen de takjes één voor één, totdat alleen de stengel nog overeind staat. Ik laat de planten ongemoeid na de pluk. Ze kunnen stikstof uit de lucht opnemen en omzetten in opneembare stikstof. Als de planten afsterven, komt deze stikstof vrij voor andere planten.

soja2

De peulen van edamame zijn niet eetbaar. Kook of stoom ze, zo’n 8-tal minuten. Spoel ze daarna af onder koud water (om ze te schrikken).
Als je de bonen als (aperitief)hapje wil eten, bestrooi je de peulen met zout, en laat je elke gast zelf ‘zijn boontjes doppen’ door ze voorzichtig uit de peulen te duwen.
Je kan de bonen ook verwerken. Je kan ze bijvoorbeeld wokken, of er een humus mee bereiden.
Heb je te veel oogst, dan kan je de (geblancheerde) peulen invriezen.

Heb je geen groene vingers? Zelfs dan lijkt me dit een haalbare teelt. Probeer het volgend jaar eens, en deel gerust je ervaringen.
Nóg niet overtuigd? Edamame is niet alleen lekker, maar ook heel voedzaam én goed voor je gezondheid.

Wil je graag meer info of tips, drop dan je vraag in het reactievakje. 

  • 22 September 2016
Don`t copy text!