Jonckholt, Groenendaal en maretak


Begin januari. Op het Onze-Lieve-Vrouwplein in Bilzen raakt Stef aan de praat met een man die net teruggekeerd is van een wandeling. Onze neuzen wijzen op dat moment richting Watervalbos.
De man vertelt honderduit over zijn passie voor wijnen en over wat voor een prachtig land Frankrijk toch wel is (dat vinden wij ook!). Hij vraagt ons waar we vandaan komen en vertelt dan dat we zeker eens naar Krundel moeten gaan, want “daar is het schoon om te wandelen”.

Krundel? Doet geen belletje rinkelen. “Zo noemen ze kasteel Groenendaal.” Groenendaal? Nog steeds niets. Maar we bedanken de man voor de tip, want waar het schoon is om te wandelen, daar willen wij graag naartoe.
De foto’s in dit bericht zijn van mezelf en van Stef.


Oude spoorwegbrug in Waltwilder.

Terug naar Hoelbeek

Op  de laatste middag van januari parkeert Stef de auto vlakbij de kerk van Hoelbeek, een deelgemeente van Bilzen. Vandaag gaan we op zoek naar Krundel. Tijdens een wandeling over bospaden en verkavelingswegen, plaatselijk herschapen in glibberige modderpoelen.

Aan de Sint-Adrianuskerk van Hoelbeek vertrekken twee routes: een blauwe van 5,7 km en een groene van 5 km. Samen vormen ze een erfgoedwandeling van 9,5 km langs sites doordrenkt met verhalen.

Tijdens de wandeling ontdek ik dat we al eerder in Hoelbeek waren. Heel kort toch want met de Railbike fietsten we door Hoelbeek, over de oude spoorwegbedding tussen Munsterbilzen en Gellik. In de zomer van 2019 was dat, samen met mijn nichtje Angelina. Misschien doen we dat deze zomer nog een keertje over. 


Open huizen in het kunstwerk ‘Hoelbeek city’ staan symbool voor de gastvrijheid van dit dorp.

Hoelbeek city

Terug naar de kerk, want op het kerkpleintje/parking kan je niet om het kunstwerk heen. ‘Hoelbeek city’ van kunstenaar Bart Vankrunkelsven is een toren van open huisjes verbonden door armen op stelten. Dit werk staat symbool voor het open karakter van Hoelbeek, voor de gastvrijheid van dit dorp in beweging.

En vanwaar de naam ‘Hoelbeek city’? Omdat een of andere graffiti-artiest jarenlang ‘city’ spoot op de plaatsnaamborden van Hoelbeek. Schrobden anderen het eraf, dan stond het er wat later terug.  


Op de sokkel van het kunstwerk ‘Hoelbeek city’ staat dit beeldje.

Bij ons in Ulbeek (dat fonetisch slechts een beetje verschilt van Hoelbeek) spreken we soms ook over ‘Ulbeek city’. Qua inwonersaantal is Ulbeek een kleine deelgemeente (van Wellen) maar ons dorp is groots in veel dingen. En dankzij de Patton Drivers zijn we wereldberoemd. 😊


Het nooit voltooide fort van Jonckholt

De eerste stop op de blauwe route is het fort van Jonckholt.

Op een boogscheut van wat nu Hoelbeek-centrum is, verrees aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog (vanaf 1568) dit fort. Zelfs in zijn onvoltooide staat, bood het bescherming tegen de vechtende troepen in de regio.

Lang voordat Jonckholt zijn militaire bestemming kreeg was deze site al bewoond. Drie eeuwen eerder stonden hier houten gebouwen omringd door een gracht. En in de 14e eeuw verrees hier een stenen waterburcht met vier hoektorens.

Het fort verviel in de 17e eeuw tot een ruïne die je nu nog kan bezichtigen.

Wil je meer weten over Jonckholt? De infoborden aan de kerk in Hoelbeek en op de site zelf geven je inkijk in de geschiedenis van dit fort.


De ruïne van het voormalige fort Jonckholt in Hoelbeek.

Op het landgoed van kasteel Groenendaal

Het smalle pad onderaan de heuvel van Jonckholt volgt de loop van de Meersbeek. Na de oversteek is het pad breder en vlakker. Het gaat over in een brede bosdreef die leidt naar een tunneltje onder de spoorwegbedding. (zie foto bovenaan) Met aan de andere zijde een pad dat kronkelt tussen jonge bomen en struikgewas. Links strekt het Waltwilderse landschap zich uit.


Scheve wilg langs de bosdreef in Waltwilder.

Bank met das in een gebied waar dassen zich thuisvoelen.

Over het erf van de kasteelhoeve wandelen we verder. Privaat gebied maar open voor wandelaars.

En iets verder staat daar, robuust doch stijlvol, kasteel Groenendaal. Drie eeuwen oud, de helft daarvan toebehorend aan de familie de Rosen de Borgharen.  


Het Waltwilderse kasteel Groenendaal.

Vele namen kreeg dit kasteel, van Croonendael (13e eeuw) over Groenendael tot Krundel.

In de 18e eeuw lag het nog op een eiland, volledig omgracht, met het ‘vasteland’ verbonden door een brugje. Nu is het deels omgracht.

Aan de voorzijde een strak gazon tot aan het hek. Op dat gazon vijf ganzen; vier Canadese en één roomwitte. Zelfs zonder haar nek te strekken, torent ze boven de anderen uit.


Hoogstambomen aan kasteel Groenendaal.

De sage van het boetekruis

We wandelen de kasteeldreef af. Op het eind ervan, aan de rand van domeinbos Groenendaal, staat een ijzeren kruis, het kruis van de Zwarte Lieve heer.


Het kruis van de Zwart Lieve Heer.

Een boetekruis (oorspronkelijk in hout), zo wordt verteld. Daar geplaatst door de jongste zoon van de heer van Jonckholt. Tijdens een jacht in dit bos zou hij zijn oudere broer gedood hebben die de enige erfgenaam was van hun vader. De jongste zoon verdween spoorloos en dook pas enkele jaren later weer op, in Maastricht.

Wat er echt gebeurd is, weet waarschijnlijk niemand. En wat ik mij afvraag: Hoe verging het de zoon in die tussentijdse jaren? En was hij nadien nog welkom op het landgoed van zijn vader?


Domeinbos Groenendaal.

Dunne berkenstammen liggen als brugjes over een geul in domeinbos Groenendaal.

Professor Vivario en zijn park

Door het bos, over de bosdreef en over menig veldweg gaat de wandeling verder.

We bevinden ons nu op de groene route en wandelen langs het park van een wereldberoemde Hoelbekenaar: René Vivario, professor in de medische scheikunde (1887-1970). Hij was gehuwd met Madeleine Le Clement de St.Marcq, dochter van een ridder die daarenboven ook paus was van het spiritisme.
Het spreekt tot mijn verbeelding dat een man die zijn leven wijdde aan wetenschappen, schoonzoon was van een ridder/paus. Hoe zou de relatie met zijn schoonvader geweest zijn?

Met zo’n welluidende naam had de man ook een grootse muzikale carrière kunnen ambiëren. René Vivario, grootmeester van de viool, zijn Stradivarius.
Gezien zijn leven in dienst van de mensheid zal professor Vivario het bespelen van zijn viool slechts als hobby beschouwen. Jarenlang oefent hij op een repertoire tot hij op een mooie dag zijn instrument meester is. Nadien volgen de tussendoorse concertjes in het familiepark. Bij gelegenheid luistert meester Vivario ook wel eens een buitenlands congres op met zijn vrolijke deuntjes. Waarna menig ander professor stevig in de handen klapt uit appreciatie.

Het zijn maar hersenspinsels. 😊


Bernadet Wehenkel

Maretak en zwarte elzen

We wandelen verder langs fruitboomgaarden, akkers, windsingels en houtkanten. En wat opvalt in dit landschap: hoge populieren, de takken verpakt in grote bundels maretak.

In een klein, jong bos – in de jaren ‘80 nog een stortplaats – ontspringt de Meersbeek. Hoge zwarte elzen strooiden hun dikke proppen uit over het pad.

Veel fris blad siert op deze winterdag de bosbodem. Ik probeer me deze mooie plek voor te stellen in maart, als voorjaarsbloeiers de sporen van herfst en winter wegwissen. Pollen sneeuwklokjes zijn voorbodes van het jonge geweld dat binnen enkele weken losbarst.


Sneeuwklokjes zijn de voorbode van meer voorjaarsgeweld.

Magnifieke bomen vormen hier een groene corridor. Tegen hun stammen kleven armdikke stengels van klimop, vele meters hoog.

Nog meer akkers, boomgaarden, een holle weg duikt even onder. Het eindpunt is in zicht. De namiddagzon breekt door het grijze wolkendek. Ik voel haar warmte op mijn wang.

Vier uur dwalen over Hoelbeekse en Waltwilderse wegen heeft onze appetijt opgewekt. Tijd om naar huis te keren voor een late lunch.


Maretak siert niet alleen de bomen in Hoelbeek.

Populieren met maretak in Hoelbeek

Praktisch

Deze erfgoedwandeling zit vol variatie. De infoborden onderweg zijn verhelderend.

Parkeren kan je voor de kerk van Hoelbeek (Hoelbeekstraat) of tientallen meters hogerop in dezelfde straat, op een kleine parking in de bocht van de weg.

Iets eten en drinken kan in café ’t Jonckholt (naast de kerk).

Langs de blauwe route staat het Jonckholthuis, een vakantiewoning voor 2 tot 6 personen.


Bernadet Wehenkel
  • 8 February 2021
  • 0

1 Comment

Leave a comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.